Het teleurstellende aan al die details over ontvoering en prostitutie in de glamoureuze meersterren-setting van Amstel en Blakes is dat noch Peter R. de Vries, noch de beveiligingsbeambten van De Mol, noch de Amsterdamse recherche in 2002 het verhaal serieus heben genomen. Het verhaal kan namelijk niet kloppen. Journalisten zouden zeggen: ‘kapotgecheckt, jammer, leuk verhaal.’
Op de banden die het Amstel Hotel opneemt van binnen- en buitengaande gasten is geen Patty en geen bezoeker voor kamer 323 te bekennen. Bovendien was op die datum in de bewuste kamer een halfberoemde dame uit de begeleidingsband van Bruce Springsteen gelogeerd, een zekere Soozy Tyrell.
Hierover ondervraagd begint Onno te zwabberen: de datum zou hij hebben verplaatst uit veiligheidsoverwegingen. Hij wil niet zeggen hoe de conciërge van het Amstel heet en noemt ook geen verdere namen of details, hij wil daarmee wachten tot de ontvoering daadwerkelijk plaatsvindt.
De bezoeker die Onno beschrijft variëert tussen Marokkaans, Turks en Slavisch. Prosituée Patty zou een Tsjechische zijn. Maar als ze opbelt om vragen te beantwoorden blijkt ze een Indonesisch accent te hebben. En Patty weet ook niets over paspoorten die ze bij Holleeder zou hebben gezien. En natuurlijk sowieso geen Holleeder of Frans Maas te bekennen in het hotelregister.
Nada, lulkoek, roepen de rechercheurs tegen recherchechef John Olierook, als ze rapporteren over hun kapotgecheckte missie. Mooi verhaal, maar er klopt geen reet van, zo klinkt het bij de koffie. Dat was in november 2002.
En nu is het maart 2009 en nog steeds zijn we over dit kolderverhaal niet uitgeluld. In het hoger beroep tegen Holleeder was het op 22 januari nog aan de orde, toen advocaat Stijn Franken een recente e-mail van Peter R. de Vries erover citeerde. Komt dat alleen omdat het zo’n lekker verhaal is?
Waarom nog langer doorzeuren? Dat leggen we in de volgende afleveringen van deze kroniek uit. Het was eerst gewoon een lekker verhaal maar nu wordt het pas interessant.

