Staatsloterij: de kans op de jackpot wordt steeds kleiner

Nieuwe Revu 43, 24-10-2007

Door Wim van de Pol

Het gekke is dat mensen niet geloven dat ze binnenkort door de bliksem zullen worden getroffen. Maar wel dat ze een goede kans hebben op het winnen van de jackpot in de Staatsloterij. En dat terwijl de kansen ongeveer even groot zijn, of - beter - klein. De kans op de hoofdprijs in de Staatsloterij is te berekenen. De loterij maakt bekend hoeveel loten er zijn verkocht. Is dat 3,2 miljoen dan is de kans op de hoofdprijs van één miljoen 1 op 3,2 miljoen.

Maar de kansen op het winnen van de jackpot zijn niet zo duidelijk. Het enige dat duidelijk in het deelnemersregelement staat is dat de jackpot na zes keer zeker valt. Nieuwe Revu onderzocht hoe vaak de jackpot viel sinds het begin in 1994 (zie kader). Het blijkt dat de jackpot de laatste jaren minder vaak valt. En ook dat de kans op het winnen van de jackpot allengs kleiner is geworden. De oorzaak is dat het totale aantal cijfer-lettercombinaties waaruit de jackpot getrokken wordt is vergroot terwijl het aantal verkochte loten al meer dan tien jaar stabiel is; dat schommelt rond de 3 miljoen.

Is het erg dat de kans op de jackpot kleiner wordt en dat daar niets over te vinden is in het deelnemersregelement? ‘Nee,’ vindt de woordvoerder van het College van Toezicht op de Kansspelen. ‘Wat de kans is op de jackpot staat bij geen enkele loterij in Europa in het deelnemersregelement. Het interesseert de mensen ook niet. Ze geloven graag in de illusie, zo blijkt uit onderzoek.’ Maar ja, transparantie over de kans op de jackpot is toch wat anders. De Staatsloterij spreekt er liever niet over. De woordvoerder geeft grif toe dat de kans op de jackpot klein is. Maar bij een verhaal over het vergroten van het aantal loten spreekt ze van ‘negatieve’ publiciteit. De woordvoerder: ‘wij geven openheid van zaken als er naar wordt gevraagd. In de supermarkt staat ook niet bij de diepvrieskip vermeld hoe de kip aan zijn einde is gekomen.’

De staatsloterij heeft bedrijfseconomisch zo zijn beperkingen. Jaarlijks gaan alle inkomsten naar de staat, zeg maar minister Bos van Financiën. Ieder boekjaar begint met één symbolische euro. Ieder jaar moet dus de omzet opnieuw worden waargemaakt. Het aantal vaste deelnemers, dat maandelijks met een bankafschrijving meedoet, daalt. Om toch omzet te kunnen handhaven is de loterij dus afhankelijk van de losse verkoop. Die losse verkoop draait vooral op de jackpot. Hoe hoger de jackpot, hoe hoger de omzet. Voor de Staatsloterij is het dus direct van belang dat de jackpot niet te snel valt. Een kleinere kans op de jackpot maakt de jackpot hoger en genereert meer omzet.

Op levensgrote billboards staat de hoogte van de jackpot aangekondigd. “Alles kan” is het motto. De reclames draaien vooral om de verleiding van het winnen van de jackpot. Dat soort reclame ligt gevoelig want te veel reclame voor gokken mag niet. Een paar jaar geleden stuurde minister Donner van Justitie een een oekaze door de kansspelwereld. De kosten voor reclame en marketing mogen niet de pan uitrijzen. Nederland heeft namelijk de hete adem van de Europese wetgeving in zijn nek. Gokken en kansspelen zijn aan strikte regels gebonden. Nederland mag het staatsmonopolie op het gokken alleen handhaven als gokverslaving wordt tegengegaan. Dus mag er niet al te veel reclame worden gemaakt. Maar paradoxaal genoeg schiet wel het ene na het andere Holland Casino uit de grond en de staatsgokbedrijven maken ook volop reclame. Potentiële concurrenten op de gokmarkt vragen zich daarom al jaren af waarom de staat dat monopolie nog mag handhaven. Internetcasino’s en bedrijven die mega-loterijen aanbieden of casino’s willen bouwen rammelen aan de poort. De Staatsloterij zou verbleken naast een Europese loterij met een jackpot in de orde van 65 miljoen.

Een andere heikele Europese regel is dat spekken van de staatskas middels een staatsloterij in principe niet is toegestaan. Maar hoe moeten de honderden miljoenen die minister Bos van Financiën jaarlijks opstrijkt van de loterijen en casino’s anders worden gezien? ‘Het is is toch een leuke pot met geld waar de minister van Financiën leuke dingen mee kan doen’, zegt een ingewijde in de loterijwereld. Binnen de Staatsloterij gaat het gerucht dat
Minister Bos van Financiën in de toekomst meer geld van de Staatsloterij wil ontvangen. De prijs van een staatslot zal daardoor stijgen naar 14 euro. De Staatsloterij stelt ‘Als iets intern besproken wordt wil dat niet zeggen dat het ook gebeurt. In 2008 blijft de prijs van een staatslot in ieder geval 12,50 euro.’ Dat is dan zonder jackpot.

kader 1
Het totaal aantal loten waaruit de jackpot wordt getrokken bestaat nu uit 180 series van 100.000 loten, dus 18 miljoen loten. Een serie is een bepaalde lettercombinatie met 100.000 cijfercombinaties.

De kans op een jackpot is het aantal verkochte loten gedeeld door het totaal aantal loten (het universum). Een woordvoerder van de Staatsloterij zegt onmogelijk het aantal verkochte loten per loterij terug te kunnen halen. Ze zegt wel dat het aantal verkochte loten al heel lang stabiel is: schommelend rond de 3 miljoen.

De jackpot valt jaarlijks minder vaak dan vroeger. Dat komt doordat het universum van het totaal aantal loten meer is gegroeid dan het aantal verkochte loten.

jackpot trekkingen totaal aantal loten
1995 6 op 12 6 miljoen
1996 6 op 12 6 miljoen
1997 6 op 12 6 miljoen
1998 5 op 12 6 miljoen
1999 7 op 12 6 miljoen
2000 6 op 12 7,5 miljoen
2001 7 op 12 7,5 miljoen
2002 4 op 12 9,9 miljoen
2003 2 op 12 9,9 miljoen
2004 5 op 12 14,9 miljoen
2005 2 op 13 18 miljoen
2006 5 op 14 18 miljoen
2007 3 op 11 18 miljoen

Kader:
De Staatsloterij moet binnenkort misschien een claim van 106 miljoen betalen. Oorzaak is het gesneefde belspel Sevens. Een consortium onder leiding van Marcel Boekhoorn van Telfort ontwikkelde tussen 2001 en 2003 een concept voor gokken met de mobiele telefoon, in opdracht van de Staatsloterij.

Toenmalig staatssecretaris Van Eijck gaf toestemming maar de volgende minister, Donner, wilde er niets van weten en draaide het terug. Helaas hadden de telefoonbedrijven de software al ontwikkeld en was al een serie TV-programma’s opgenomen.

De Staatsloterij had een voorbehoud over de vergunning in het contract geschrapt. Dat werd ruzie. Minister van staat Frits Korthals Altes was destijds president-commissaris bij de Staatsloterij. ‘Ik rook U uit’, sprak - naar verluidt - Korthals Altes hooghartig tot Boekhoorn. Die belde een duur advocatenkantoor. Inmiddels het bedrijf van Boekhoorn c.s. in meerdere procedures in het gelijk gesteld. Dit najaar valt waarschijnlijk het vonnis over de definitieve hoogte van de vergoeding.