Mink: het Van der Heiden Proces

Nieuwe Revu 26, 27 juni 2007
Alles Rammelt in Proces Mink K.
Wim van de Pol

Filmpje in de Beveiligde rechtbank in Rotterdam. Mink K. staat geprojecteerd op een groot videoscherm aan de wand. Het is een opname van een verhoor ergens in de zomer van 2005. In een T-shirt babbelt Mink, lichtjes onderuitgezakt, een eind weg. Op de voorgrond zien we een laptop van de rechercheurs. Achter Mink hangt een kaart van Noord-Holland aan de muur. Gespreksonderwerp is de moord op Jaap van der Heiden, in 1993 in Alkmaar. Mink praat, maar niet met de gebruikelijke overtuiging. Er is iets mis. De rechercheurs houden hem een getuigeverklaring van hem voor uit 1993, uit een ander moordonderzoek. Daarin zou Mink gezegd hebben dat hij een bepaald mobiel telefoonnumer gebruikte. Een nummer dat bij de moord op van der Heiden in Alkmaar is geregistreerd. Het maakt Mink K. verdacht. In de rechtszaal start een justitiemedewerker een volgend stukje video. Het is de volgende morgen en het verhoor gaat verder. Mink gaat weer zitten voor de kaart. ‘Mag ik nog even die verklaring lezen,’ vraagt hij. Minutenlang zit hij gebogen boven het papier, af en toe wat in de zijlijn krabbelend. ‘Mag ik het originele verbaal zien’, vraagt hij. ‘Dat is er niet’, zegt een rechercheur. ‘Dat dacht ik al’, zegt K. De rechtbank kijkt naar dit stukje verhoor omdat Mink K. wil aantonen dat deze verklaring over het telefoonnummer door de politie vervalst is. ‘Ja maar, het lijkt er toch op dat U daar een verhaal inelkaar aan het steken bent over dat telefoonnummer?’, zegt de voorzitter. Mink: ‘ik was in verwarring. Ik ben daar op zoek naar een verklaring voor het feit dat het verbaal niet klopt met mijn herinnering. Ik moet er in Nederland toch vanuit kunnen gaan dat wat er in een proces-verbaal staat ook klopt. Nadat ik er een nachtje over geslapen had wist ik het. Het verbaal klopt echt niet.’ Advocaat Adèle van der Plas is ervan overtuigd dat het verbaal een vervalsing is: ‘De handtekening die onder de verklaring staat komt niet overeen met die van Mink. Bovendien: mede-getuigen hebben alle pagina’s van hun verklaring geparafeerd, waarom Mink als enige niet?’ De rechtbank heeft geweigerd onderzoek naar de handtekening te laten doen.

Uit de verklaring van een toenmalige telecom-specialist van de politie blijkt dat Mink K. dat nummer indertijd niet gebruikte. Deze politiemedewerker deed in 1993 niets anders dan de telefoonnummers van de groep van Mink K. analyseren. Dus als het omstreden verbaal werkelijk zou bestaan had hij het moeten weten. Hij zegt: ‘ik ben er erg verbaasd over,’ zegt hij, ‘ik heb daar nooit een proces-verbaal van gezien.’ De politie lijkt nog een ander vals proces-verbaal aan het bewijs te hebben toegevoegd. Bij de Criminele Inlichtingeneenheid (CIE) in Zaandam zou in 1993 informatie hebben gelegen dat Mink K. de dader was. Maar een toenmalige CIE-chef heeft verklaard dat zulke informatie daar toen niet aanwezig was. Bovendien zou de ambtenaar die het proces-verbaal maakte nooit bij die dienst hebben gewerkt.

Het is misschien moeilijk te geloven maar bewijs dat juist Mink K. betrokken is bij de moord op Van der Heiden is er hoegenaamd niet. Jazeker, er zijn wel degelijk aanwijzingen dat er mensen van het groepje waar Mink K. veel mee optrok ten tijde van de moord in Alkmaar waren. Volgens de telecomanalyse bewoog een groep van zeker tien mensen zich rondom het tijdstip van de moord richting Alkmaar. Vier van hen zijn jaren later doodgeschoten. De rest is slechts kort verhoord of meteen weer vrijgelaten. De telecomspecialist van de politie stelt dat er in 1993 geen aanwijzingen waren om K. op de dag van de bom in Alkmaar te situeren. Toch zit Mink K. vanaf februari 2005 mede op grond van dit bewijs uit 1993 in voorarrest. De rest van het bewijs bestaat voornamelijk uit drie kroongetuigen.

Kroongetuige Peter D. zegt op de zitting dat hij dagelijks een bijna dodelijke dosis Immigran slikt tegen migraine. Hij lijdt daardoor naar eigen zeggen aan geheugenverlies. Dat lijkt geen goede uitgangspositie voor een kroongetuige. Peter D. heeft ergens in zijn leven een verkeerde afslag genomen. Hij probeerde aan de slag te komen als kleine coke-dealer in de tussenhandel, met te weinig succes. Zijn leven is een lange en tragische achtervolgingscene: schulden, Colombianen en de politie jagen hem na. Nadat hij een schietpartij heeft overleefd is hij in 2000 gaan praten met de politie over Mink K. en de bom. Peter D. is in 1993 een hulpje van een criminele familie waar Mink K. nogal eens over de vloer komt. D. zegt dat hij een schuld van een paar ton aan de familie kon aflossen door een tasje aan de deur hangen bij Jaap van der Heiden. ‘Die kankerhond moet dood,’ zou Mink K. tijdens een bijeenkomst in het Amsterdamse Sonesta Hotel over Van der Heiden hebben gezegd. Veel meer details geeft Peter D. niet. Mink K. vergaderde nooit in het Sonesta, maar dat is nog maar een klein bezwaar tegen de verklaring van D. De vele verklaringen spreken elkaar voortdurend tegen. En het grootste deel van de uitspraken kán eenvoudig niet kloppen. Het is zo erg dat zelfs de rechercheurs hem op zeker moment niet meer geloven. De officier van justitie heeft hem begin dit jaar afgevoerd als bewijsmiddel wegens ongeloofwaardigheid.

Kroongetuige Mike V. was als jongetje in huis komen wonen bij de medeverdachte van Mink K, de thaiboxer Rusky R. en diens vriendin. Mike fungeerde in 1993 als chauffeur en als hulpje in de huishouding. Ook V. heeft zich daarna als crimineel ontwikkeld maar was niet erg succesvol. In 2000 zit hij vast na het plegen van een gewelddadige overval. Ook hij begint vanaf 2000 Mink K. te belasten met de moord op Van der Heiden. Het verhaal van Mike rijmt niet met dat van zijn voorganger Peter D. Volgens Mike heeft Rusky R. in Alkmaar de knop van de afstandsbediening ingedrukt, in opdracht van Mink K. Deze kwam ook heel vaak bij Rusky R. over de vloer, zegt Mike. Maar dat kan niet waar zijn want Mink K. werd in 1993 vrijwel voortdurend werd getapt en geobserveerd. In die tijd is hij nooit gezien bij Rusky en Mike thuis en Rusky noch Mike kwamen over de tap. Het verhaal van V. zit vol innnerlijke tegenstrijdigheden. Verder is er een reeks aan getuigen die V. wegzet als ‘fantast’, ‘acteur’ en ‘iemand met waanideeën’. Zijn bloedeigen moeder stelt: ‘als ik hem spreek weet ik nooit of hij de waarheid spreekt of niet. Ik denk nog wel eens dat hij twee schroefjes los heeft bovenin.’ In 2000 beweert hij nog tegen medegedetineerden dat hij zelf verantwoordelijk is voor de moord. Hij zou het tasje zelf hebben opgehangen en Mink noch Rusky komen in die verhalen voor. Opvallend is verder dat hij in zijn eerste politieverklaringen uit 2000 zwaar lijkt te leunen op een Nieuwe Revu-artikel. Twee onjuiste details uit dat verhaal komen terug in zijn verhaal: hij spreekt over het verkeerde explosief en hij zegt dat Van der Heiden naar buiten kwam toen de bom afging. In latere verklaringen stelt hij deze details weer bij.

Kroongetuige Hesdy B. is pas sinds dit voorjaar aan boord. Ook deze Hesdy krabbelde in het rond met cocaïne. Hij deed smokkelen via de bagageafdeling van Schiphol, tot het mis ging. De voorgaande twee kroongetuigen wisten nog een vloed aan details op te werpen. Hesdy B. weet bijna niets. Kern van zijn betoog is dat Rusky R. hem op zeker moment belt met de vraag of hij TNT kan leveren voor een bomaanslag. Hij hield aanvankelijk ook vol dat hij Rusky R. pas na de bomaanslag had ontmoet. Dat kon natuurlijk niet en daarom ontmoette hij Rusky in een latere verklaring voor de ‘tweede’ eerste keer, voorafgaand aan de bomaanslag. Een ander probleem is dat twee Duitsers die de explosieven zouden moeten leveren stellen dat ze toen alleen in drugs handelden en niets weten van een verzoek om explosieven. Over Mink K. weet Hesdy alleen vaag en onjuist te vertellen. En het was ook geen TNT dat Jaap van der Heiden uit het leven blies. Voor de ontploffing is er een auberginekleurige Volkswagen Golf gesignaleerd in en rond Alkmaar. Mink K. had in die tijd precies in zo’n auto, stelt het Openbaar Minsterie. Dat is waar, maar er reed een hele vriendenclub in zo’n paarse Golf, van Etienne U. tot George Plieger. Bovendien zijn de inzittenden van de Golf door getuigen unaniem beschreven als Zuid-Europese types. Klinkt niet als Mink K. die ook toen al lang en kaal was.

Als laatste pijler van bewijs is er dan de getuigenis van de vriendin van XTC-dokter Danny Leclere. Leclere werd kort na Van der Heiden vermoord. Vlak voor zijn dood zou Leclere tegen zijn vriendin hebben verteld dat Jan Femer en diens kompaan Mink K. de moord zouden hebben gepleegd. Ook hier lijkt de politie aan de waarheid te hebben gesleuteld. Want als deze vrouw voor de rechter-commissaris moet getuigen stelt ze dat haar vriend alleen Jan Femer beschuldigde. Ze zet die bewering kracht bij met dagboekaantekeningen uit die tijd die ze heeft meegebracht. Al met al mag de conclusie zijn dat Mink K. een paar verkeerde vrienden had. Maar solide bewijs voor zijn deelname aan de moord op van Van der Heiden is er niet. Toch is er door de recherche geen steen niet omgedraaid gebleven. Zo deed men huiszoeking bij de bejaarde moeder van K. en werd een politie-infiltrant afgestuurd op Mink’s vriendin om deze uit te horen. Een vergeefse expeditie die vooral ontlastende informatie opleverde: ‘Mink heeft niks met moord. Hij is een Pietje Bel. Daarmee wil ik wel in bed liggen, niet met een moordenaar,’ zei de vriendin.

De Nationale Recherche is ook ijverig bezig geweest Mink K. aan een motief voor de moord te helpen. Zo ongeveer half crimineel Nederland is ondervraagd, van zware jongens uit West-Brabant tot aan de Zwarte Cobra die in de Verenigde Staten gevangen zit. Jaap van der Heiden bleek tal van zakelijke banden te hebben en overhoop te liggen met een keur aan criminelen. Er was ruzie met Georges Plieger, Henk R., Etienne U. en de Juliet-bende. Verder met Groningers, Friezen, Italianen en Joegoslaven. Maar volgens getuigen die Van der Heiden goed kenden deden Mink K. en Van der Heiden geen zaken. Die getuigen stellen dat er wel zakelijke conflicten met anderen waren. Zo had Van der Heiden 1,7 miljoen gulden van George Plieger tegoed en 4 miljoen van Henk R. Een medegedetineerde zei dat Van der Heiden vlak voor zijn proefverlof onrustig was: ‘Jaap ging rare dingen doen. Hij had een groep om zich heen geformeerd om Plieger aan te pakken. Ik had voor hem een Joegoslaaf geregeld uit Amsterdam.’ Een andere getuige zegt daarover dat Plieger hier lucht van had gekregen en ‘het even had omgedraaid’, met die Joegoslaaf.

Er zitten nog meer mysterieuze tintjes aan de moord. Tot twee keer toe heeft de CIE van Haarlem de politie in Alkmaar gewaarschuwd dat Van der Heiden zou worden vermoord. De eerste keer is het aan hem doorgegeven, de tweede keer niet. Volgens een Rijksrecherche-onderzoek bleef de informatie steken bij de Alkmaarse hoofdofficier. Verder is een observatiecamera voor het pand aan het Luttik Oudorp - toevallig of niet - kort voor de moord weggehaald. De sleutel voor de oplossing van de moord ligt, fascinerend genoeg, gewoon in de kluis van de Criminele Inlichtingeneenheid (CIE). Twaalf jaar na de moord kwam bij de CIE een tip binnen van een informant over de plaats waar de afstandbediening in het water was gegooid. De afstandsbediening werd daar ook daadwerkelijk gevonden. Deze informant had dus daderinformatie. Advocaat Adèle van der Plas wilde weten waarom de informant niet als verdachte was aangehouden. ‘Niemand weet niet wie hij is’, zei officier van justitie Saskia de Vries ‘alleen de CIE weet het’. Zij vindt de bedreiging van de informant belangrijker dan de waarheidsvinding. Maar er ligt nog meer sleutelinformatie in de archieven van de CIE. Klaas Langendoen, vroeger CIE-chef van het IRT, heeft getuigd dat er ‘voor Mink K. ontlastende informatie bij de CIE aanwezig is.’ Die informatie is geheim en Langendoen wil daarover pas vertellen na toestemming van de Haarlemse justitie. Die toestemming is er nog niet gekomen. Zo blijft de deksel op de pot en heeft Mink K. iets weg van Barbertje die moet hangen. Toch blijft K. ondanks zijn twee-jarig voorarrest steevast monter. Advocaat Nico Meijering: ‘meestal moeten wij verdachten oppeppen. Bij Mink is het andersom. Bij hem kom je opgepept vandaan.’

Kader: Het geheim van Mink en Teeven
Mink K. en oud-officier van justitie Fred Teeven hebben een geheim samen. In 1998 en 1999 voerden ze een lange serie gesprekken. Ze zweren allebei nooit iets over de inhoud van die gesprekken naar buiten te hebben gebracht. Tijdens de rechtszaak over de Van der Heiden-moord maakte de advocaat van K. voor het eerst passages uit die gesprekken openbaar. Teeven zegt nu nog steeds het vermoeden te hebben dat Mink K. te maken heeft met de moord. Maar in de volgende passage uit 1998 onderstreept Teeven dat een deel van het Openbaar Ministerie per se wil dat K. opgehangen wordt. “Fred: ‘…heel politioneel en justitioneel Nederland denkt dat de groep Mink K. verantwoordelijk is voor vijf…’ Mink: ‘alle liquidaties…’ Fred: ‘Vijftien liquidaties. En daar gaan ook nog wel mensen onderzoek naar doen (…) Is het niet gewoon zo dat de liquidaties in Nederland worden gepleegd en op jouw naam worden afgeschreven?’ Mink: ‘ik weet het van drie gevallen, heb ik gewoon de bewijzen daarvoor… Fred: ‘…dat er zelfs misschien wel constructies worden gemaakt waardoor het spoor naar jou leidt.’ Mink: ‘ja in drie gevallen zeker…’” Mink K. suggereerde dat er krachten in Nederland zijn die hem achter de tralies willen brengen en tegelijk Teeven in diskrediet willen brengen. De oorzaak zou zijn gelegen in wat de twee in hun geheime gesprekken hebben besproken. Hij noemt het opvallend dat kroongetuige Peter D. zowel over hem als over Teeven belastende informatie heeft gegeven. D. heeft verteld dat Teeven corrupt zou zijn, een bewering die aantoonbare fantasie bleek te zijn. Teeven zei hierover tijdens de zitting: ‘iemand moet toch aan Dijkstra hebben gezegd: ga jij nou eens fantaseren’. Over wie die iemand was zei hij: ‘ik heb daar wel gedachten over maar die ga ik niet vertellen. Je moet geen Don Quichot worden.’