De jacht op de kunstdief

Revu 18 juli 2007

Door Wim van de Pol
Daan Hartmann belt me. Een beschaafde stem, tegen het bekakte aan. ‘Ik bel U volgende week voor een afspraak.’ Maar de volgende week belt hij niet, de week daarna evenmin. Zo gaat het vaker bij Hartmann. Mensen die schilderijen in de verkoop deden bij Hartmann’s kunsthandel Gebroeders Koch hoorden nooit meer wat.
Politieagente Femke Barents, kreeg een schilderij van Marius de Jongere uit de erfenis van haar opa. ‘Het was een havengezicht met de Nieuwe Rotterdam. We zaten een beetje krap daarom deden we het schilderij in consignatie bij Koch, daar was het ooit ook gekocht. Hij zou het voor 8000 gulden verkopen. Maar we hoorden nooit meer wat. Mijn man belde en bestookte Hartmann met brieven. Maar steeds had Hartmann een andere smoes. Dan stond het schilderij weer in het filiaal in Den Haag te koop en dan was het weer naar een restaurateur. Ik dacht op een gegeven moment, laat maar, dit kost te veel stress, maar mijn man ging door. Puur om het principe.’ Zo zijn er tientallen verhalen van gedupeerden. Het gaat soms om 16de eeuwse en 17de eeuwse schilderijen, om etsen van Anton Pieck, meestal om wat goedkopere kunst. Maar toch, een goede Marius de Jongere begint bij 3000 euro. Oud-rechercheur Klaas Langendoen jaagt al vele jaren achter schilderijen aan die door Hartmann zijn verduisterd. ‘Het is moeilijk te zeggen hoeveel mensen slachtoffer zijn geworden. Oudere mensen die een schilderij kwamen brengen zijn door hem geïntimideerd. Die dachten dan vaak laat maar. Veel zijn er al overleden. Bedenk wel dat hij misschien al wel dertig jaar bezig is geweest. Waarschijnlijk gaat het om vele honderden schilderijen.’

Ooit was het was Geboeders Koch (1850) een sjieke zaak, met één van de oudste winkels op de Rotterdamse Lijnbaan en vestigingen in de Amsterdamse Kalverstraat en op de Denneweg in Den Haag. Wie een oude meester bij Koch kocht kreeg kwaliteit, een goede prijs en een voorname behandeling. Na de Tweede Wereldoorlog werd de haven van Rotterdam booming business. Grote cruiseschepen van de Holland-Amerika-Lijn hadden er hun thuishaven. Koch maakte de havenromantiek te gelde. De vraag naar Hollandse haven- en zeegezichten, liefst nog met grote zeeschepen erin, was enorm. Schilders als Marius de Jongere werkten exclusief voor Koch. Daan Hartmann, erfgenaam via moeders kant, nam de zaak over aan het einde van de jaren zestig. Hartmann handhaafde de voorname sfeer die de vestigingen van Koch kenmerkte. ‘Hij deed een beetje bekakt maar dat is prima, anders verkoop je verkoop je geen schilderijen’ zegt kunstschilder Jan Hovener: ‘ik schilderde jaren naar alle tevredenheid voor Koch.’ Bekakt of niet: Hartmann richtte de sjieke kunsthandel wel ten gronde. Hovener: ‘Ik kreeg op een gegeven moment geen geld voor twee schilderijen. In 1999 ben ik gestopt met leveren aan Koch.’ Onder Hartmann treedt de definitieve teloorgang in van Kunsthandel Gebroeders Koch. Aan het einde van jaren negentig is voormalige kunst-imperium zichtbaar in verval. De enig overgebleven vestiging aan de Rotterdamse Lijnbaan verstoft zienderogen. Er worden prullaria te koop aangeboden en de openingstijden zijn variabel. Vanaf 2001 is de zaak nauwelijks meer geopend. Het portiek ligt vaak maanden vol met ongeopende post. In 2003 is plotseling de kunsthandel met de noorderzon vertrokken.

Dit vertrek heeft te maken met media-aandacht. Een Dordtse vrouw die afwilde van een schilderij uit een erfenis (’een foeilelijk ding’) besloot dat naar Koch te brengen. Maar ze kreeg noch haar geld, noch haar schilderij van Hartmann terug. Doordat ze naar het Rotterdams Dagblad stapte ging de bal aan het rollen. Andere gedupeerden meldden zich. Een andere misrekening van Hartmann is zijn behandelingen van zijn klanten. Kunstschilder Jan Hovener: ‘ik sprak hem een keer vriendelijk aan over zijn schuld. Toen begon hij verschrikkelijk tekeer te gaan. Dat werd bijna een vechtpartij.’ Na dat soort voorvallen doet Hartmann aangifte van bedreiging, het blijkt een vast patroon. Een Haagse vastgoedbeheerder werd door Hartmann tegemoet getreden met een staaf ijzer. Maar na aangifte door Hartmann’s vriendin moest juist de vastgoedbeheerder de cel in. Alle zogenaamde bedreigers van Hartmann werden door de rechter vrijgesproken. Ook de man van Femke Barents, die vorig jaar is overleden, zocht de confrontatie met Hartmann. Barents: ‘Op het laatst ging hij bijna elke dag langs. Hartmann hield vol dat het schilderij was verkocht maar dat de koper maar 3000 had betaald. Met veel pijn en moeite hebben we die 3000 gekregen. Bij toeval kwamen we later erachter dat hij het schilderij al lang en breed had verkocht voor veel meer.’ Een andere klant van Hartmann: ‘ik had een erfstuk naar Koch gebracht om te verkopen. Op een gegeven moment zei ik wat is jou percentage? Hij zei 50%. Ik zei nou, dan kom ik het wel weer ophalen. Maar dat ging zo maar niet. Uiteindelijk ben ik boos geworden en heb wat gedreigd met een verbouwing van het interieur en toen kreeg ik het terug. Ik heb het nu nog hangen.’
Door dit soort commotie lijkt Hartmann de controle te verliezen. In 2003 is hij op de vlucht, achterna gezeten door Klaas Langendoen, televisieprogramma TROS Opgelicht en een curator omdat hij persoonlijk failliet is. Hij duikt op in Delft met een kunstwinkel: het Anton Pieck Prentenkabinet maar die sluit al snel, om even later elders in Delft weer te verschijnen. Hartmann is de kat met de negen levens, die bovendien hecht goede stand. Hij duikt in 2006 onder in het pand naast het werkpaleis van de Koningin Beatrix aan het Haage Noordeinde. Hij zit anti-kraak, maar wat zou dat, het voormalige werkpaleisje van Willem Alexander is sjiek genoeg. De Rijksgebouwendienst heeft geen idee wie ze in huis heeft gehaald, Hartmann heeft zich aangemeld onder de keurige naam Anton Pieck Stichting. Het pand staat propvol met schilderijen. Door een tip komt Klaas Langendoen hem op het spoor. Een verduisterd schilderij uit de 16de eeuw zou op het Noordeinde staan. Als hij door de luxaflex kijkt ziet hij inderdaad tientallen schilderijen en ook het schilderij waar hij naar zoekt. De curator en een deurwaarder gaan er op bezoek. Langendoen: ‘drie verdiepingen van dat toch vrij grote pand stonden helemaal vol met schilderijen.’ Het probleem voor de curator is dat er verschillende boedels door elkaar staan: van Hartmann zelf, van zijn vriendin en van verschillende stichtingen van Hartmann. De curator wil daarom een inventarisatie maken. Tegelijkertijd sijpelt in hofkringen het nieuws door dat de Koningin een beruchte flessentrekker als buurman heeft. Als dat maar niet uitlekt naar de media, denkt de Rijksgebouwendienst, en Hartmann moet vertrekken. Niks inventarisatie van de boedel, denkt Hartmann, wegwezen hier. Klaas Langendoen: ‘de nacht voordat hij het pand moest verlaten heeft hij met een bestelbusje de duurste kunst afgevoerd.’ Daarmee ontrok vermoedelijk Hartmann goederen aan zijn failissement maar zeker is dat niet, omdat niet duidelijk was aan wie de boedel toebehoorde. Aangifte hiervan doen is dus onmogelijk.
De volgende ochtend probeert Hartmann de rest af te voeren maar geen enkel verhuisbedrijf blijkt hem te willen helpen. Uiteindelijk komt de hele voorraad kunst en huisraad op straat te liggen, direct naast het paleis. Foute boel, zegt de Haagse politie, die onder protest van Hartmann de zaak confisqueert. Langendoen: ‘hij wist toch nog weer net een paar waardevolle spullen in een taxi te frommelen. Wat er overbleef is afgelopen Koniginnedag op straat verkocht ten bate van de failliete boedel. ‘
De laatste etappe is voorlopig Delft. Als een schuw dier heeft Daan Hartmann zich samen met vriendin De Jong nu teruggetrokken in Voorstraat 19. Een afgebladderd en slecht onderhouden, maar niettemin voornaam pand. Eén van de curatoren die achter hem aanzit heeft het pand inmiddels executoriaal verkocht. Maar Hartmann was weer iedereen te slim af. Langendoen: ‘hij had als eigenaar een huurcontract opgemaakt voor zijn vriendin Simone de Jong. Huurders kan je er niet uitzetten. Dus zitten ze daar nog steeds.’ Voorstraat 19 staat ‘volgebouwd’ met kunst, aldus de curator die ook heeft vastgesteld dat een ander deel van de kunstvoorraad op verschillende geheime lokaties is ondergebracht.
Curator P. Elshof verzucht: ‘Met Hartmann is het kippen vangen op het strand. Hij woont officiëel niet op de Voorstraat, hij heeft geen vaste woon- of verblijfplaats.’ Zomaar binnentreden in Voorstraat 19 is voor de curator niet mogelijk. Daarom gooit hij het nu over een andere boeg. Hij heeft Hartmann gesommeerd op te geven waar diens boedel zich bevindt. Daarna is Hartmann zelfs in opdracht van de rechtbank opgepakt en vijf dagen lang gegijzeld. Als hij niet snel met een lijst schilderijen en een lokatie komt wordt hij opnieuw gegijzeld.
Klaas Langendoen heeft deze week met een groep van ruim twintig gedupeerden aangifte van verduistering en oplichting gedaan bij de politie in Den Haag. Uit de administratie die in één van Hartmann’s panden is gevonden blijkt dat hij in 2000 nog een miljoen ergens op een bank had staan. De grote uitdaging voor Hartmann zal zijn geld en schilderijen verbergen voor curator Elshof, Langendoen en de politie. Langendoen: ‘ik heb hem recht in zijn gezicht verteld: zolang jij niet alles teruggeeft blijf ik je hele leven achter je aanzitten.’
Als ik op een middag in de auto Voorstraat 19 in Delft passeer zie ik Simone de Jong net naar binnen gaan. Maar als ik even later aanbel en op deur en ramen klop doet niemand open. Van achter in het huis blaft een hond. Alle ramen zijn bedekt met vuile vitrage en gordijnen. Hartmann en De Jong leven verschanst. Ik kijk even door de brievenbus en zie een herdershond van achter de tochtdeur op mijn vingers afspringen. Een paar dagen later staat Hartmann op mijn voicemail. Hij wil geen interview geven. ‘Gebroeders Koch is allang opgeheven, dat speelt geen rol meer. Mijn leven gaat weer door. Ik wens U succes.’ Geen nummerherkenning,  geen telefoonnummer achtergelaten, Hartmann is moeilijk te pakken te krijgen.

Kader: Hoe deed hij het?

Bij ieder schilderij dat voor verkoop in consignatie kwam gaf Hartmann een keurig briefje. Daarop stond dat de verkoper geld kreeg als de koper zou hebben betaald. Veel mensen kregen dus te horen dat er nooit was betaald. Het kwam ook voor dat Hartmann mensen vroeg dat consignatie-briefje op te sturen. Daarmee was dan het bewijs dat het schilderij ooit aan Koch was gegeven verloren.

Koch deed ook restauratie en inlijstwerk. Eenmala weggebrachte schilderijen kwamen nooit meer terug.

Kader: De Fabels van Hartmann
Daan Hartmann lijkt verslaafd te zijn aan aandacht en aan het ophangen van de meest fantastische verhalen. ‘Het vertelt prachtie verhalen. Je weet zeker dat de helft onzin is maar je weet nooit welke helft,’ zegt curator P. Elshof. ‘Hij poseert graag als jood. Maar hij is gewoon katholiek opgevoed,’ zegt een andere Hartmann-kenner.

Pand van Rietveld: de vestiging van Gebroeders Koch op de Lijnbaan in Rotterdam was ontworpen door Stijl-kunstenaar Gerrit Rietveld, zei Hartmann. Niet dus: Rietveld maakte wel een ontwerp maar het werd nooit uitgevoerd.

Nazaat van Lodewijk XVII: Hartmann wierp zich jarenlang op als vertegenwoordiger van de familie Naundorff. Die beweert nazaat te zijn van Lodewijk XVII, de ‘verloren’ nakomeling van de Franse koning Lodewijk XVI. DNA-onderzoek wees in 1998 uit dat Naundorff geen familie is.

Woning van Pieck: de Voorstraat 19 te Delft was, stelde Hartmann, woning en atelier geweest van kunstschilder Anton Pieck. Pieck zou ook een huisvriend van de familie Hartmann zijn geweest en Hartmann hebben gevraagd na zijn dood de Anton Pieck Stichting in het leven te roepen. De nazaten van Pieck betwijfelen deze verhalen.

Atelier van Vermeer: een paar jaar later zou de Voorstraat 17 het beroemde straatje van Vermeer zijn, volgens Hartmann. In de spiegeling van het raam op het schilderij zou de Oude Kerk te zien zijn. ‘Toen ik daar op een paaltje klom viel het kwartje’, aldus Hartmann. Volgens hem was het atelier van Vermeer dus ook in  Voorstraat geweest. Tot dan toe plaatsten historici het atelier van Vermeer ergens anders. Wetenschappelijk bewijs voor de stelling van Hartmann kwam er nooit. Hij haalde wel de Telegraaf en de wereldpers. De gemeente Delft ging niet in  op de subsidie-aanvraag van Hartmann voor restauratie van het atelier.