Wat deed de Nederlandse politie in Istanbul aan het begin van de jaren negentig? Pionieren. De stroom heroïne uit Turkije moest worden gestopt. Al die baba’s uit het koffiehuis waren niet anders dan internationaal te pakken.
Uit een geheim samenwerkingsmemorandum met de Turken, dat Crimelink in bezit heeft, blijkt wat de politie allemaal stiekem deed: tappen, mobiele gesprekken afvangen, informanten runnen, van alles. Allemaal vanaf een geheime post op het consulaat-generaal in Istanbul. Natuurlijk mocht dat allemaal niet van Van Traa, maar in 1993 moest de Commissie Van Traa nog worden uitgevonden.
Het mooiste is dat een Nederlandse delegatie met een officier van justitie en een rechter-commissaris deze overeenkomst in elkaar hebben getimmerd, onder goedkeurend oog van het ministerie van Justitie. Een rc? Jawel. Een rechter-commissaris die zich een beetje gedroeg als een lid van het OM en ervoor zorgde dat de politie ongecontroleerd onderzoek kon doen.
In Istanbul was de politie - volgens de overeenkomst - ‘pro-actief’ aan het werk en als daar een leuk resultaat uitrolde werd het in een ‘reactieve’ fase netjes afgehecht. Lees: dan werd er een officiëel rechtshulpverzoek op de fax gezet. Deze werkwijze was mede uitgedacht door een lid van de rechterlijke macht.
Advocaat Jan Boone zegt in Crimelink dat hij zich herinnert hoe hij vragen stelde over de gang van zaken in Istanbul bij diezelfde rechter-commissaris:
‘Die man heeft ons gewoon zitten uitlachen. Ik hoor hem nog zeggen: nee, die vraag hoeft de getuige niet te beantwooorden. Alle vragen werden belet. Nu weet ik wel waarom.’
Wat zijn nu de consequenties van deze samenwerking voor vandaag de dag?
Wel, het is niet duidelijk wanneer deze samenwerking is gestopt, als hij al is gestopt.
Dus tot precies hoe lang heeft die innige samenwerking geduurd? Crimelink belooft een dossier daarover in het juni-nummer.

