Ton van D. vindt ‘niets meer frappant.’ Van D. was na de schietpartij op Ronald van E. met Kerstmis 1999 spoorslags naar de familie van Van E. in Amsterdam gereden maar hij had ook maatregelen getroffen. Omdat Ronald nog leefde en in het ziekenhuis werd verpleegd regelde Van D. ook bewaking in het ziekenhuis, voor het geval de moordenaars hun zaken nog wilden afmaken. Het was vertrouwde Rotterdamse beveiliging.
Eén van die Rotterdamse heren kwam nogal luid over een telefoonlijn. Hij zou Endstra moeten omleggen van Van D.
Ook dit tapverslag kwam in één van de vervolggesprekken - na het Chinees-overleg - tussen Klepper c.s. en Van D. plotseling uit de achterzak van Klepper, aldus Van D. Dat ging zo, in 2005, tegen verbalisanten van de Nationale Recherche:
“Van D.: (…) X schijnt door de telefoon gezegd te hebben dat ie Endstra moest omleggen van mij.
Verbalisanten: Die X. heeft dat gezegd?
Van D: Ja.
Verbalisanten: Tegen wie zou hij dat gezegd hebben?
Van D.: Dat weet ik niet, dat is voor mij nooit duidelijk geworden. Waarschijnlijk tegen één van zijn mensen. Ik weet ook niet of de naam Endstra is genoemd maar in ieder geval een paar dagen later kwam Sam met die uitdraai van dat telefoongesprek.
Verbalisanten: Dat is op zich toch frappant?
Van D.: Dat is niet frappant want die verklaring die ik toen aflegde daar kwam Sam de andere dag al mee bij mij. Dus dat is helemaal niet frappant, voor mij is niets meer frappant. Ik heb in die jaren al zoveel meegemaakt, ik kijk nergens meer van op. Hetzelfde was met Endstra, die wist alles.”
De brave verbalisanten vinden het nog ‘frappant’ dat Klepper met een kakelvers tapverslag zwaait alsof hij zelf teamleider bij de Nationale Recherche is. Maar Ton van D. al niet meer. Die was al op de hoogte van de power van de Pet, zijnde niet Jacques K. want die kon niet bij die stukken.

